Om stil van te worden
Door Michel de Hond – Oprichten/Bestuurder Stichting Komma
Mijn kinderen zijn 10 en 11 jaar. Ze weten eigenlijk niet beter dan dat Stichting Komma een groot onderdeel van ons leven is. Ze vinden het leuk om te helpen als dat kan en ik vind het mooi dat ze van dichtbij zien wat de stichting doet.
Ze leren daardoor iets wat je niet uit een boek haalt. Dat werk niet alleen draait om geld verdienen, maar dat je ook iets kunt doen om iets voor een ander te betekenen. En helaas leren ze ook dat het leven niet altijd eerlijk is. Dat wisten ze al door wat we zelf als familie hebben meegemaakt, maar door Stichting Komma zien ze dat iedere week opnieuw.
Als ik één les heb geleerd in de afgelopen jaren, dan is het wel deze: maak herinneringen.
Mijn vrouw, die zich ook met hart en ziel inzet voor de stichting, en ik proberen dat onze kinderen zoveel mogelijk mee te geven. Niet wachten op later. Niet denken dat er altijd nog tijd is. Gewoon samen zijn. Samen eten, lachen, op pad gaan en genieten van de gewone momenten. Want juist dat blijken later vaak de meest waardevolle herinneringen te zijn.
Nu de kinderen vakantie hebben, zijn we samen in Zuid-Spanje. We genieten van de zon, lekker eten, het zwembad en vooral van elkaar. Van die momenten waarop eigenlijk niets hoeft.
Afgelopen dinsdag lagen we allebei aan het zwembad een boek te lezen. Zoals zo vaak opende ik tussendoor even mijn mailbox. Bijna dagelijks zie ik daar een nieuwe aanmelding binnenkomen van een ongeneeslijk zieke ouder. In de ruim vijf en een half jaar dat Stichting Komma bestaat, hebben we inmiddels meer dan 1.650 levensverhalen mogen vastleggen van ouders die weten dat ze hun kinderen niet zullen zien opgroeien.
Elke aanmelding raakt. Of je kind nu één jaar is of achttien. Het besef dat je afscheid moet nemen van je kinderen is nauwelijks te bevatten.
Maar deze keer was het anders.
Er stonden niet één, maar twee nieuwe aanmeldingen.
De eerste was van een bewust alleenstaande ouder. Als de behandelingen goed aanslaan, heeft deze ouder misschien nog maximaal twee jaar te leven. Het kindje? Vier dagen oud…
Vier dagen.
Ik bleef naar mijn scherm kijken. Wat moet je daar nog van zeggen?
De tweede aanmelding raakte me misschien nog wel net zo diep. Eigenlijk waren het twee losse aanmeldingen, maar voor mij voelde het als één verhaal. Zowel de vader als de moeder van een tienjarig kind hadden zich aangemeld. Beiden zijn ongeneeslijk ziek. Beiden willen hun levensverhaal vastleggen voor hun kind.
Beide ouders.
Tegelijk.
Dat zijn van die momenten waarop je even stil wordt.
Wij kunnen niemand beter maken. Dat zouden we nog het allerliefste willen. Het enige wat wij kunnen doen, is ervoor zorgen dat een kind later de stem van zijn vader of moeder nog kan horen. Hun lach nog kan zien. Hun verhalen, herinneringen, levenslessen en liefde kan blijven voelen.
En iedere keer opnieuw besef ik dan hoe ontzettend kostbaar tijd eigenlijk is.
Daarom wil ik je maar één ding meegeven.
Maak herinneringen.
Niet morgen. Niet als het rustiger is. Niet als alles perfect voelt.
Vandaag.


